<Resultaat 57 van 1419

>

Mijn waarde Emmanuel,
Uw voorstel doet me veel eer aan en valt zeer in mijnen smaak,[1] doch hebt gij er op nagedacht dat het stichten van een tijdschrift geld, somtijds veel geld kost? Met genoegen zou ik mijne bijdragen kosteloos geven maar fondsen heb ik ter beschikking niet om er nog van 't mijne bij te leggen. Zijt zoo goed mij een weinig breedvoeriger over het ontwerp te willen schrijven. Ik dank u van harte voor het stukje dat ge mij in de Dichthalle opdraagt.[2] Mag ik er op rekenen, het nummer waarin dit voorkomt te zullen ontvangen.
Op een antwoord betrouwende blijf ik
Uw toegenegen
Cyriel Buysse
P[ost Scriptum] Dank ook voor uw voorgaanden, zoo vriendelijken brief.[3]

Annotations

[1] Buysse doelt op het voorstel van De Bom om mederedacteur te worden van Vrije Kunst.
[2] I.v.m. 'Een hoofdstuk uit den roman van den Does? L. Tarara!', zie brief 51, noot 9.
Het stuk wekte destijds enige opspraak. Daarom werd het in een deel van de afleveringen van Nederlandsche Kunst– en Dichthalle vervangen door 'De varkenshoeder' en 'De prinses op de erwt' van Hans Christian Andersen. Zie ook Paul van Tichelen, Bibliografie van en over Emmanuel de Bom (Antwerpen, De sikkel, 1947), p. 59, nr. 161. Zie ook brief 68, noot 1, brief 72, noot 1 en brief 104, noot 1.
Volgens het Antwerps idioticon van P.J. Cornelissen en J.B. Vervliet betekent 'does': duivel, boeman.
[3] Niet teruggevonden.

Register

Naam - persoon

Bom, Emmanuel Karel De (° Antwerpen, 1868-11-09 - ✝ Kalmthout, 1953-04-14)

Bibliothecaris, journalist en schrijver. Medeoprichter van Van Nu en Straks. Gehuwd met Nora Aulit op 24/08/1901 in Antwerpen.

Buysse, Cyrillus Gustave Emile (° Nevele, 1859-09-20 - ✝ Afsnee, 1932-07-25)

Schrijver. Medeoprichter van Van Nu en Straks.

Gehuwd met de Nederlandse Nelly Dyserinck op 01/10/1896.

Titel - krant/tijdschrift

Nederlandsche Dicht- En Kunsthalle (° 1878 - ✝ 1897)

Cultureel maandblad.

Vrije Kunst

Tijdschrift dat in 1890 werd gepland doch nooit werd uitgegeven. Initiatiefnemer daartoe was P.van Assche. De redactie zou bestaan uit P.van Assche, E.de Bom en A.Vermeylen. De opname van P.de Mont werd in beraad gehouden. Ook C.Buysse en H.Langerock werden uitgenodigd om aan de redactie deel te nemen. Buysse aanvaardde en Langerock weigerde. Als leuzen werden voorgesteld: "Hoogmoedighlic!" en "Volg de vrije bane waarop de vrije geest U leidt!" (Poesjkin). Voor het drukken en uitgeven werd aan X.Havermans (later uitgever van Van Nu en Straks, 1ste reeks), A.Hoste en S.Warendorf (Ned.) gedacht. Het eerste nummer was gepland als dubbelnummer waarin bijdragen zouden voorkomen van A.Vermeylen, P.van Assche, E.de Bom, C.Buysse en H.Bossiers die eveneens deel zou uitmaken van de redactie. Het plan in bovenstaande vorm viel definitief in duigen, toen bleek dat P.van Assche tijdens de onderhandelingen i.v.m. Vrije kunst, zonder de medewerkers hierin te kennen, De vrije vlucht op touw had gezet. A.Vermeylen en E.de Bom werkten nochtans in stilte verder aan Vrije-kunst-plannen: einde 1890 stelden Vermeylen en De Bom een nieuw project op voor de wedergeboorte van Vrije kunst. Hieruit bleek hoe het geplande tijdschrift, hoewel grootser en ruimer opgevat, in het verlengde zou liggen van Jong Vlaanderen en reeds anticipeerde op het latere Van Nu en Straks.