<Resultaat 678 van 1419

>

Beste Kerel.
Eindelijk eens wat leegen tijd — ten minste, ik zal hem nu maar als leeg beschouwen, omdat ik niets al te pressants te doen heb. Anders: de heele week geen avond vrij; overdag werken en natuurlijk in de eerste plaats schrijven aan háar. Wat heb ik een tijd meegemaakt. Zij was ziek naar lichaam en ziel; dat naderende breken met heel het verleden verscheurde haar; ik heb me uitgeput om haar uit die wanhopige dofheid los te rukken; gelukkig eindelijk! —Zaterdag gaat zij van hem heen — en blijft een poos in Duitschland[1] tegen het einde van dit jaar kan dan de scheiding gebeurd zijn. Houd dit intusschen geheel voor je! —
Nog altijd moet ik je nu antwoorden op je opmerkingen over Ontgoocheld in. Er zijn enkele aanduidingen in, die we later zeker ernstig samen zullen bespreken (zooals het weglaten van het slottooneel le bedr[ijf], [']t nòg meer coupeeren in den tekst, en we hebben al heel veel geschrapt!) Niet toegeven kan ik je aanmerking op het zingen van de meid als een truc — Jij hebt dat in verband gebracht met het onweer, maar daar staat het heel en al los van. 't Is alleen bestemd om het droefgeestige aan te duiden van zoo'n huiselijke stilte bij droevig weer; 't is een sensatie die ik dikwijls gehad heb en al is die meer geteekend (waar, door wien?) ik heb ze heusch echt in m'n innerlijk herinneren geput. — Ten aanzien van Karel heb je [']t niet bij het juiste eind. Hij is en moet blijven: bijzaak; [']n man, die mooie woorden spreken kan, maar innerlijk laf en zwak is. Wat Greta in zijn daad hindert is niet het moreele; [']t is een sensitivisme van het reine jonge meisje, dat die andere meiden als iets vuils voelt, dus Karel daardoor besmet, en door zijn kussen zichzelf. En dat hij [']t tersluiks gedaan heeft, niet eerlijk er voor is uitgekomen, maar laf en zwak, dát ontgoochelt haar. En zij bedoelt niet hem te zeggen: als je nu kunt inhouden van naar de meiden te gaan; maar wel: "als je een man van karakter zult blijken, een die durft" — En, terwijl zij dit [2] zegt, gelooft zij er zelf niet aan; ze zegt dat maar zoo, om hem, dien zij nu zwak weet, te sparen. Dit althans was mijn bedoelen; heel en al niet, dat er uitzicht op een werkelijke verzoening gegeven zou worden. — Misschien moet het duidelijker gezegd worden. Dat het geheel vrouwelijk is gebleven doet me genoegen: [']t moet allereerst háar werk zijn en blijven. Nu, we zullen nog tijd hebben om er aan te werken; zij wil het — onder de omstandigheden, vooreerst niet laten spelen, althans hier in het land niet. Misschien zal ik het in het Engelsch vertalen, later.
Krijg ik het eens van je terug. En "Saamgebleven" ook — Dat wordt telkens anders in me. — Ik vind zelf de tweede akte te slap; [']t is ook nog maar een schets, die verwerkt moet worden. Eerst moet ik eens alles afmaken. En misschien kom ik daar wel nooit toe.
Ik werk nu geregeld voor "De Telegraaf" — en [']t schijnt dat mijn twee artikels er bevallen hebben.[2] Gust schreef me iets over m'n Spectator-artikelen.[3] Wat jouw Ibsen-studie betreft -- eerlijk gezegd, die valt me niet mee. — ik voel er de groote lijn niet in, en ze is nogal oppervlakkig vaak, ook te slordig opgeschreven; geen heel zuiver Nederlandsch altijd. Misschien mocht die voor het onwetende Belgische publiek niet diepzinniger zijn; maar wie de stukken gelezen heeft, zal er niet zoo heel veel nieuws in vinden. Ik zou liever een heel andere methode gezien hebben; niet de stukken behandelend, maar de verschijnselen & beginselen — gelijk Taine over Sh[akespeare] geschreven heeft.[4] Dat is een werk, [']twelk ik later nog eens hoop te doen — heel op mijn gemak. Want het kost veel tijd en veel inspanning. Ook ben ik het niet met je eens over Volksvijand; ik vind dat als aus einem Guss gegoten werk 'n meesterstuk; zoo spontaan, frisch en vol uitsporrelend leven, toch met groote diepte en wat een satiriek vernuft.
Je artikeltje heb ik je teruggestuurd en je krijgt nu nog een ernstige vermaning.[5] Wat is dat nu voor prulwerk om te sturen: de meest alledaagsche observaties over de tegenstellingen tusschen arm en rijk, die we hier immers ook voor het grijpen hebben, die door de school van Dickens en van V[an] Beers letterlijk uitgeput zijn, en die je zoo maar hebt neergeschreven met de gewone tirades er bij. Hoor eens, jongen, als je hier zaken wilt doen, moet je serieuser studiewerk geven; wie zal nu zoo'n stukje opnemen en betalen? En je bederft er je reputatie mee; dan zeggen ze hier: dat is iemand die geen begrip heeft van wat we hier behoeven en verlangen; 'n man [3] zonder ernst. En dat is het ergste wat je een mensch hier kunt aantijgen. — Misschien zou het een of ander Socialistisch blad het genomen hebben. Doch die betalen niets.
Ik schrijf je dit nog eens ernstig, vooral met het oog er op dat ik (dit blijve strikt geheim) met 1 Aug[ustus] de Haarl[emsche Courant] als Correspondent alhier opgeef. Heb jij nu nog idee om hier te komen, voor het geval, wat ik niet weet, dat zij een plaatsvervanger van mij wenschen.[6] Dan moet je zeker zorgen meer stemmig en geserreerd, meer onpartijdig studieus werk te maken. Het salaris van f 900 is intusschen niet heel hoog om van te leven en ik weet niet of het eigenlijk niet beter voor je is om rustig aan je bibliotheek te blijven. 't Mag vervelend zijn, maar het werk is minder uitputtend en afmattend.
Hoe is het nu intusschen? — Voel je je opgewekter, ben je heel en al beter naar het lichaam en kom je langzaam den psychischen schok te boven. Hoe meer ik er over denk, des te gelukkiger vind ik het toch voor jou van haar los te zijn. Blijkbaar voelde zij nooit iets echt voor jou en dat zou je op den duur nog rampzaliger gemaakt hebben. Ik hoop en vertrouw dat je nog eens 'n echte, al is het juist geen burgermansliefde zult leeren kennen
Hand
Leo
N[ota ]B[ene] Je versje was heel leuk — ik zond het aan Reyding voor "de Clown"[7]

Annotations

[1] Nl. in Wiesbaden. Zie brief 68 (excipit). Zie ook brief 68, noot 4bis.
[2] Voor het eerste artikel, 'Zieke kunst', zie brief 39, noot 4. Voor het tweede artikel, zie Leo Simons, '"Groote" kunst? "Het boek Job" - toneelspel uit het Duitsch, naar Hermann Adler', in: De Telegraaf, I, 47 (16 febr. 1893), tweede blad [p.1]. Zie ook brief 89, noot 7.
[3] Er werd slechts één artikel van Leo Simons in De Nederlandsche Spectator (tot 16 febr. 1893) teruggevonden, nl. dat over Bygmester Solness. Zie ook brief 30, noot 4.
[7] De versjes in De Clown, die nooit ondertekend zijn, geven geen enkele aanwijzing dat een ervan van de hand van De Bom zou kunnen zijn.

Register

Naam - persoon

Beers Sr., Jan Van (° Antwerpen, 1821-02-22 - ✝ Antwerpen, 1888-11-14)

Schrijver.

Vader van Jan van Beers Jr.

Bom, Emmanuel Karel De (° Antwerpen, 1868-11-09 - ✝ Kalmthout, 1953-04-14)

Bibliothecaris, journalist en schrijver. Medeoprichter van Van Nu en Straks. Gehuwd met Nora Aulit op 24/08/1901 in Antwerpen.

Gaesch, Clara Joanna Maria (° Königsberg (Pruisen; thans Kalingrad, USSR), 1866-02-23 - ✝ – Antwerpen, 1895-03-14)

Cafézangeres.

Was ongehuwd en werkte tot 1891 in The Music Hall aan het Falconplein. Op het ogenblik dat ze een relatie had met Emmanuel de Bom, verwachtteze een kind, dat in 1895 een tijdlang bij De Boms zuster Jeanne werd opgenomen. Een zuster van Clara, Augusta, werkte ook als zangeres in de Statiestraat en zou in 1895 in Kopenhagen hebben verbleven. Clara's laatste adres was Dambruggestraat 85, Antwerpen.

Mees, Josine Adriana (° Rotterdam, 1863-06-26 - ✝ Den Haag, 1948-03-11)

Toneelschrijfster.

Huwde in 1894 met Leo Simons.

Reyding, August (ook "alfaro" Genoemd) (° Amsterdam, 1863-03-21 - ✝ Amsterdam, 1930-06-24)

Ook "alfaro" genoemd.

Bouwkundig ingenieur, tevens tekenaar, lithograaf en schrijver. Leraar kostuumkunde aan de Tooneelschool te Amsterdam en als dusdanig collega van L. Simons Mz. die er Nederlandse literatuur en stijlleer doceerde. Schreef revues, waaronder in 1889 de eerste Nederlandse revue Naar de Eiffeltoren.

Simons, Leo Mz (° Den Haag, 1862-08-01 - ✝ Rotterdam, 1932-06-11)

Auteur, uitgever (Wereldbibliotheek) en Vondelkenner.

Vermeylen, August. (° Brussel, 1872-05-12 - ✝ Ukkel, 1945-01-10)

Hoogleraar, kunsthistoricus en schrijver. Medeoprichter van Van Nu en Straks. Gehuwd met Gabrielle Josephine Pauline Brouhon op 21/09/1897.

Titel - krant/tijdschrift

Nederlandsche Spectator, De (° 1856 - ✝ 1908)

Weekblad.

Oprechte Haarlemsche Courant, De (° 1847 - ✝ 1941)

Nederlands dagblad met zeer oude traditie. Werd in 1656 gesticht door Abraham Casteleyn als Weeckelijke Courante van Europa. Werd twee jaar later Haarlemsche Courant, waaraan in 1664 het woord Opregte werd toegevoegd. Pas vanaf de 19de eeuw (1847) verscheen het als dagblad. Omstreeks 1890 behoorde het tot de meest gelezen kranten van Nederland, grotendeels omwille van de rubriek familieadvertenties, wat de krant ook de naam "dameskrant" opleverde. Smolt in 1941 samen met Haarlems dagblad onder de naam Haarlemsche courant.

Telegraaf, De (° 1893 - °)

Nederlands ochtendblad.